De 'facts & figures' van ondernemend Vlaanderen
Definitie, conceptueel model en kengetallen
Totale populatie ondernemers en/of ondernemingen
Opheffingen en faillissementen
Houding ten opzichte van ondernemerschap
Vlaanderen had in 2007:
- Europees vergeleken een relatief gemiddelde ondernemersgraad;
- een stijgende totale populatie ondernemingen;
- een stijgend aantal nieuw opgestarte ondernemingen;
- in vergelijking met Europa een laag latent ondernemerschap.
In 2008 had Vlaanderen:
- een nog lagere TEA-index (= indicatie voor ontluikend ondernemerschap) dan in 2007;
- een stijgend aantal faillissementen t.o.v. 2007.
1. Definitie, conceptueel model en kengetallen
Deze tweede editie van het actieplan ondernemerschap hanteert dezelfde definitie als het "actieplan ondernemerschap 2008".
„Onder ondernemerschap wordt iemands vermogen verstaan om ideeën in daden om te zetten. Het omvat creativiteit, innovatie en het nemen van risico's, alsook het vermogen om te plannen en projecten te beheren om doelstellingen te verwezenlijken. Ondernemerschap helpt iedereen in het dagelijks leven thuis en in de maatschappij, het helpt werknemers zich bewust te worden van hun arbeidsomgeving en kansen te grijpen, en is de basis voor meer specifieke vaardigheden en kennis die ondernemers nodig hebben voor sociale of economische bedrijvigheid."
Dit hoofdstuk blijft eveneens gebaseerd op hetzelfde conceptueel model voor economische groei en heeft dezelfde criteria voor opname van kengetallen als het "actieplan ondernemerschap 2008". Het is evenwel mogelijk dat de opgenomen kengetallen verschillen t.o.v. de eerste editie van het actieplan ondernemerschap omdat bepaalde kengetallen nu wel beschikbaar zijn of intussen op een meer accurate wijze kunnen berekend worden.
2. Totale populatie ondernemers en/of ondernemingen
Of we Vlaanderen al dan niet als een ondernemende regio kunnen beschouwen, hangt ondermeer af van de ondernemersgraad van Vlaanderen. De ondernemersgraad is een voorraadgrootheid die op langere termijn sterk beïnvloed wordt door de in- en uitstroom van ondernemers. De Vlaamse ondernemersgraad bedroeg in 2007 9,8%, wat betekent dat 9,8% van de Vlaamse bevolking op arbeidsleeftijd toen ondernemer was. Vlaanderen doet het met deze ondernemersgraad meer dan behoorlijk in Europa.
Daarnaast blijft ook de totale populatie ondernemingen in Vlaanderen vrij groot. Volgens de cijfers van de Studiedienst van de Vlaamse Regering bevonden er zich in 2007 in totaal 499.761 firma's en eenmanszaken op Vlaams grondgebied, wat opnieuw een stijging inhoudt t.o.v. de voorbije jaren.
De gegevens van het aantal verzekeringsplichtigen vertellen ons wat meer over het profiel van de gemiddelde ondernemer. Zo was in 2007 ongeveer 35% van deze groep ouder dan 50, de gemiddelde leeftijd bedroeg 45 jaar en slechts 34% van het totale aantal verzekeringsplichtigen was van het vrouwelijke geslacht. Daarnaast kunnen we ook nog naar het aandeel niet-Belgen kijken in deze populatie. 5% van het totaal aantal verzekeringsplichtigen in het Vlaamse Gewest had in 2007 een andere nationaliteit dan de Belgische.
3. Nieuw ondernemerschap
In 2007 bedroeg het aantal nieuw opgestarte ondernemingen (startend ondernemerschap) in Vlaanderen 40.486, wat een stijging van 8,89% inhoudt t.o.v. 2006. Het aantal opgestarte ondernemingen kent in Vlaanderen trouwens een stijgend verloop sinds 2003.
De Total Entrepreneurial Activity (TEA-) Index uit de Global Entrepreneurship Monitor (GEM) geeft dan weer een indicatie van het "ontluikend ondernemerschap" in Vlaanderen. De TEA-index onderzoekt immers welk percentage van de beroepsbevolking actief betrokken is bij het opzetten van een onderneming of in de voorbije drie jaar een eigen onderneming heeft opgericht. De TEA-index voor Vlaanderen kende een lichte terugval van 3,41% in 2007 naar 3,04% in 2008. Voor Vlaanderen betekent dit concreet dat iets meer dan 3 op 100 mensen in 2008 aangaf bezig te zijn met de oprichting van een bedrijf of er recent ook effectief één opgericht had. Met deze score zit Vlaanderen weer op het niveau van 2006 en bevindt het zich opnieuw in de staart van de Europese rangschikking en een eind onder het EU-gemiddelde van 5,85%.
Het profiel van deze "ontluikende ondernemers" geeft echter een positiever beeld dan het TEA-cijfer alleen. Bijna alle "ontluikende ondernemers", namelijk 84%, starten uit opportuniteit i.p.v. uit noodzaak. 59% van deze groep is van het mannelijke geslacht en 41% is vrouwelijk. Hiermee scoren we zelfs beter dan het wereldwijde gemiddelde.
Wat de aard van het "ontluikende ondernemerschap" in Vlaanderen in 2008 betreft, is de evolutie zowel positief als negatief. Wat de mate van innovatie van de ondernemingen en van het verwacht aantal jobs dat de ondernemingen creëren betreft, scoort Vlaanderen slecht. Maar met de internationale focus van deze ondernemingen zit het wel goed.
4. Opheffingen en faillissementen
Niet enkel het aantal nieuw opgestarte ondernemingen maar eveneens de overlevingsgraad van de nieuw opgerichte ondernemingen is belangrijk. Als we de gegevens van 1998 tot 2007 bekijken, blijkt 10 jaar na de oprichting nog 57,65% actief te zijn. Van de 28.355 in 2003 opgerichte bedrijven in Vlaanderen zijn er 5 jaar later, eind 2007, nog 77,41% actief.
5. Groeiers
Voor wat de snelle groeiers betreft, leggen we dit jaar de lat een beetje hoger en kijken we naar het aandeel gazellen op middelgrote ondernemingen. Gazellen zijn middelgrote ondernemingen met een omzetgroei van 100% over 4 opeenvolgende jaren. Het aandeel gazellen op middelgrote ondernemingen situeerde zich in 2006 in Vlaanderen op 11,2% - wat een stijging was t.o.v. 2005 - toen bedroeg het aandeel 7,9%. Dit komt ongeveer overeen met het Belgische gemiddelde. Enkel het Brussels Gewest blinkt hierin uit met een aandeel van 13,2 gazellen op 100 middelgrote ondernemingen. Het Brussels Gewest is trouwens al sinds 2000 koploper voor dit kengetal in België.
6. Houding ten opzichte van ondernemerschap
De Eurobarometer peilt regelmatig naar de houding van de burgers van de EU ten opzichte van ondernemers. Hieruit blijkt dat België vrij gemiddeld scoort voor wat de houding ten opzichte van ondernemers betreft. Andere enquêtes zoals de Delta Lloyd enquête geven een relatief positief beeld over ondernemers. Dit is uiteraard niet hetzelfde als zelf de ambitie hebben om ondernemer te worden waarop Belgen minder goed scoren, dit hangt eveneens samen met het feit dat Belgen aangeven erg weinig opportuniteiten te zien. Slechts 18% van de Belgen wil binnen de 5 jaar ondernemer worden. Hiermee scoort België voorlaatst en sterk onder het Europese gemiddelde van 30%.
7. Slotbeschouwing
Hoewel verscheidene recent gepubliceerde studies reeds een eerste aanzet hebben gegeven om meer duidelijkheid te scheppen rond één van de meest essentiële kengetallen voor ondernemerschap (nl. ondernemersgraad vs. TEA) blijft de nood aan een set van objectieve, valide en Europees vergelijkbare kengetallen voor ondernemerschap in Vlaanderen pertinent.
Op basis van de bestaande gegevens kunnen we concluderen dat Vlaanderen zowel positief als minder positief scoort op een aantal kengetallen. Zo kunnen we best tevreden zijn over de totale populatie ondernemingen in Vlaanderen, het profiel van de "ontluikende ondernemers" en de internationale focus van de "ontluikende ondernemers". Anderzijds scoort Vlaanderen Europees gezien minder goed voor wat betreft het ontluikend en het latent ondernemerschap, de jobcreatie die de ontluikende ondernemers verwachten te creëren en de innovatie-gerichtheid van de ontluikende ondernemers.
Afdeling Ondernemen en Innoveren
Beleidsmedewerker
ilse.boeykens@ewi.vlaanderen.be, 02 553 59 79



