2 miljoen euro voor verdere uitrol Gazellesprong

Filter items
Nieuws
11 januari 2013

2 miljoen euro voor verdere uitrol Gazellesprong

In 2010 trok minister-president Peeters reeds 1,5 miljoen euro uit voor de Gazellesprong, in totaal werden toen 113 bedrijven succesvol begeleid in hun (internationale) doorgroei voor de periode 2011-2012. Nu voorziet minister-president Peeters 2 miljoen euro voor de verdere uitrol van de Gazellesprong voor de periode 2013-2014, want inzetten op snelgroeiende bedrijven blijft zeer belangrijk voor onze welvaart, en onze aanwezigheid op groeimarkten.

Met het initiatief “De Gazellesprong” wil Vlaams Minister-president Kris Peeters zorgen voor een maatschappelijke bewustwording rond het belang van de internationale doorgroei van Vlaamse bedrijven. Er wordt een aanbod voorzien van hoogwaardige en intensieve begeleiding en coaching voor beloftevolle, ambitieuze ondernemers. “Gazellesprong” richt zich enerzijds specifiek op ‘potentiële internationale groeiers’, en anderzijds treedt het ondersteunend op naar de meer gemiddelde groeiondernemingen.

Dat gazellen een belangrijke economische rol spelen, blijkt duidelijk uit de cijfers. Meestal zijn dit snelgroeiende ondernemingen die zeer innovatief zijn, en die voor heel wat nieuwe werkgelegenheid zorgen. Het Departement Economie, Wetenschap en Innovatie becijferde dat de top 10 van de snelste groeiers in omzet verantwoordelijk zijn voor niet minder dan 42 % van de totaal nieuw gecreëerde voltijdse banen in de Vlaamse economie. 

Op 1 januari 2010 telde het Vlaams Gewest zo’n 1.059 ondernemingen die de voorbije 3 jaren een cumulatieve groei van jaarlijks 20% in het aantal personeelsleden wisten te realiseren, en die bij aanvang minstens 10 personen in dienst hadden. In relatieve cijfers betekent dit dat 3,12% van de ondernemingen met minstens 10 personeelsleden in dienst een dergelijke groei verwezenlijkt hebben. Vlaanderen heeft in België het grootste aantal van dergelijke groeiers, gevolgd door Wallonië met 512 en Brussel met 262 snelgroeiers. Vlaanderen staat bijgevolg in voor 58% van de snelgroeiende ondernemingen in België.

Ter ondersteuning van groeiondernemers trok Vlaams minister-president Kris Peeters in 2010 al 1,5 miljoen euro uit, met als doelstelling de ondernemers te begeleiden in hun groeistrategie. In het kader van de oproep ondernemerschap werden 9 coachingprojecten geselecteerd van intermediaire organisaties, die met steun van het Agentschap Ondernemen proefprojecten uitzetten inzake groeibegeleiding. Deze projecten werden opgestart in het vierde kwartaal 2010, en zijn in augustus 2012 allen afgelopen. De 9 gesteunde proefprojecten werden uitgevoerd door BAN Vlaanderen, Voka (twee projecten), Unizo, The Second Phase, Flanders InShape, Samenwerkingsverbond Strategische Projectenorganisatie Kempen (SPK), Universiteit Antwerpen Management School en BECO België. In totaal werden 113 bedrijven geselecteerd door deze projectpromotoren. Verdere stimulering tot doorgroei van ondernemingen blijft echter zinvol.

Uit deze proefprojecten blijkt dat potentiële groeibedrijven vooral nood hebben aan individuele coaching, maar ook dat er vooraf best eerst een coachingtraject wordt bepaald via een strategie-oefening. Deze bevinding sluit ook aan bij ervaringen in andere landen, die inzetten op coaching van groeibedrijven.

Vlaams minister-president Kris Peeters: “Groeien is in de huidige macro-economische omgeving niet evident voor bedrijven. Maar ik geloof er sterk in dat vele Vlaamse KMO’s alle troeven in huis hebben om met hun kennis en vakmanschap, en hun producten, andere markten te veroveren. Binnen de bevoegdheden waarover Vlaanderen beschikt, zal ik bewaken dat de fundamenten van de economie gezond blijven, waardoor er een klimaat heerst waarin ondernemers hun groei kunnen waarmaken. Toch is een extra doelgroepgerichte benadering van de gazelleondernemingen meer dan zinvol. Het blijft belangrijk om in te zetten op meer snelgroeiende bedrijven. Onze aanwezigheid op groeimarkten, en onze welvaart hangen er van af”.

Verdere uitrol van het Gazellebeleid: periode 2013-2014

Door de huidige toekenning van een budget van 2 miljoen euro voor de komende 2 jaren in de periode 2013-2014, wil Vlaams minister-president Kris Peeters het beleid voor meer internationale doorgroei verder uitrollen. De aanpak zal bestaan uit een viertal grote componenten, met name (1) platformwerking, (2) individuele begeleiding, (3) netwerkvorming en (4) wetenschappelijke opvolging.

1. Platformwerking door een aantal middenveldorganisaties die het groeibeleid effectief zullen verspreiden naar de bedrijven, als partners van de Vlaamse overheid. De taken van de platformleden betreffen activiteiten zoals sensibilisering, informatievoorziening, opleidingsinitiatieven, detectie en toeleiding van potentiële groeibedrijven. Unizo, Voka, Agoria, AMS, Innotek, SPK, BAN Vlaanderen en iMinds (het vroegere IBBT) werden geselecteerd als leden van het stakeholderplatform Groei en Professionalisering, en dit voor een periode van twee jaar (met mogelijkheid tot uitbreiding van het stakeholdersplatform, als gevolg van de evaluatie na één jaar werking. 

2. Individuele begeleiding in 3 fases

  • Ervaren consultants zullen via een analysetool de opportuniteiten van de gedetecteerde potentiële groeibedrijven in kaart te brengen. Deze tool zal gezamenlijk worden ontwikkeld door de leden van het platform, en dient via een intensieve analyse in het bedrijf te resulteren in een concreet en individueel actieplan. Individuele KMO’s zullen voor deze consulting gebruik kunnen maken van de KMO-portefeuille, zodat het bedrijf slechts 25 % van de reële kost zal moeten betalen.
  • De KMO’s die de analyse doorlopen, zullen ook kunnen rekenen op specifiek accountmanagement vanwege de Vlaamse overheid. De ondernemingen worden gericht geadviseerd en georiënteerd naar relevante overheidsinstrumenten die hun groei kunnen ondersteunen. Het Agentschap Ondernemen werkt hiervoor samen met PMV, FIT, IWT en VDAB.
  • Indien er internationale groeiambities en -potenties gedetecteerd worden in deze bedrijven, kunnen de betrokken ondernemers er voor kiezen om een coachingtraject door ervaren professionals op te zetten, als hulp bij de implementatie van hun groeistrategie. De ondernemingen die de tool doorlopen hebben en nog niet op het punt staan om internationaal te kunnen groeien, zullen verder verwezen worden naar instanties die hen kunnen helpen om zich verder te versterken en zullen proactief info krijgen over ondersteuningsmaatregelen die hen hierbij kunnen helpen. De ambitie is dat op deze wijze enkele honderden groeibedrijven kunnen begeleid worden in hun strategieoefening, waarvan er hopelijk een klein honderdtal kunnen gedetecteerd worden als potentiële internationale snelle groeiers.

3. Er zal een netwerk worden opgebouwd van sterk groeiende ondernemingen voor onderlinge ervaringsuitwisselingen;

4. Periodiek zal er wetenschappelijke opvolging gedaan worden van de bevindingen van dit groeibeleid, teneinde knelpunten van groeibedrijven in kaart te brengen, waarop de overheid mogelijk haar beleid verder kan aanpassen. Hiervoor wordt samengewerkt met het steunpunt STORE.

Uitrol nieuw groeibeleid

Eind 2012 is de operationele uitrol van het nieuwe groeibeleid effectief van start gegaan. Bedrijven kunnen contact opnemen met de partnerorganisaties van het Vlaamse groeibeleid, en na een screening zullen ze vanaf april 2013 – op het moment dat ook de vernieuwde KMO-portefeuille in voege treedt – gebruik kunnen maken van de analysetool die betere inzichten verschaft bij de (her)formulering van de groeistrategie, en waarvan het bedrijf slechts 25% van de reële kost zal moeten betalen. Eens deze analyse is doorlopen, kunnen de KMO’s ook rekenen op specifiek accountmanagement, en kan een coachingtraject worden opgezet om internationale groeiambities en –potenties te detecteren en te versterken.

Vlaams minister-president Peeters: “Snelle groeiers zijn van groot belang voor de dynamiek, groei en nieuwe werkgelegenheid binnen de Vlaamse economie. Hoewel het aandeel ‘extreme’ groeiers is afgenomen ten gevolge van de crisis, is hun relatief belang wat betreft werkgelegenheid toegenomen. Zo waren de top 10% groeiers in werkgelegenheid en in toegevoegde waarde respectievelijk verantwoordelijk voor 76% en 54% van de nieuwe werkgelegenheid in 2010.”

Enkele vaststellingen i.v.m. de deelnemers aan de proefprojecten 2011-2012

  • De deelnemers zijn overwegend (73%) kleine ondernemingen volgens de Europese KMO-definitie. Volgens deze Europese KMO-definitie spreken we over kleine ondernemingen wanneer ze (i) minder dan 50 werknemers tewerkstellen, (ii) een jaaromzet of balanstotaal van maximum 10 miljoen euro hebben, en (iii) beantwoorden aan het zelfstandigheidcriterium. (Volgens diezelfde Europese KMO-definitie spreken we over middelgrote ondernemingen wanneer ze (i) minder dan 250 werknemers tewerkstellen, (ii) een jaaromzet van maximum 50 miljoen euro of een balanstotaal van maximum 43miljoen euro hebben, en (iii) beantwoorden aan het zelfstandigheidcriterium.
  • Meer dan de helft van de geselecteerde ondernemingen (62%) is meer dan 10 jaar oud;
  • In overeenkomst met ander studiemateriaal over gazellebedrijven blijkt ook hier dat de industriële bedrijven tegen de verwachting in niet zo sterk vertegenwoordigd zijn (29%). De grootste groep deelnemende ondernemingen komt uit de dienstensector (45%).

Uit de eerste evaluatie van één van deze proefprojecten die al rapporteerden over hun resultaten, kan worden afgeleid dat er bij deze begeleide bedrijven een sterke stijging werd gerealiseerd, zowel inzake tewerkstelling alsook inzake omzet.

Zo werd in het project ‘Groeigazellen’ van BAN Vlaanderen becijferd dat er in de 15 deelnemende bedrijven gedurende de looptijd van het project (cijfers vierde kwartaal 2011 t.o.v. eerste kwartaal 2010) liefst 203 nieuwe jobs werden gecreëerd. Hun ‘High Growth’ deelnemers behaalden een gemiddelde omzetstijging van 44%, en een gemiddelde stijging in tewerkstelling van 26%. Hun ‘high potential starters’ behaalden zelfs een gemiddelde omzetstijging van 54% en een gemiddelde stijging in tewerkstelling van 67%.

De vrouwelijke ondernemers van de online-geschenkenfirma Mamzel bijvoorbeeld, hebben alle aanbevelingen en adviezen van de begeleidende coach, alsook van de experten-panels, sterk ter harte genomen waarbij het bedrijf dan ook sterk is kunnen doorgroeien, zowel in omzet (+194%), personeelsbestand (+56%), toegevoegde waarde, en groei van aantal ‘Mamzellen’.

Aanvullende informatie in studies EWI

- Studie Departement EWI ‘Groeiondernemingen in Vlaanderen 2010: Definitie, impact, eigenschappen en groeibarrières van gazellenondernemingen’: Groeiondernemingen in Vlaanderen: 2010  [TITEL:Groeiondernemingen in Vlaanderen: 2010#NID:5120]

- Update cijfers 2012 Gazellesprong: update cijfers juni 2012 

- Website met info over het Vlaamse groeibeleid en de 9 proefprojecten in de periode 2011-2012: www.gazellesprong.be

Algemene persinformatie

Luc De Seranno, woordvoerder Minister-president Peeters, Tel.: 02 552 60 12 luc.deseranno@vlaanderen.be

Deel deze pagina

  • Vond u wat u zocht?

Laatste tweets