OESO waarschuwt voor dalende Belgische productiviteit

Filter items
Nieuws
8 juli 2019

Waarschuwing

De productiviteit in ons land ligt hoog, maar haar jaarlijkse groei is al twintig jaar fors aan het inboeten en onze landgenoten hebben daar al een prijs voor betaald. Die waarschuwing staat te lezen in een rapport van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (Oeso), dat maandag in Brussel werd voorgesteld.

De organisatie lanceert zeven aanbevelingen die ervoor moeten zorgen dat ons land haar koppositie kan behouden, o.a. door het Belgische fiscale ondersteuningssyteem voor R&D bij bedrijven effectiever te maken en door de investeringen in universiteiten te verhogen.

Afname productiviteit

Een Belgische werknemer produceert op een uur tijd 35 procent meer waarde dan een gemiddelde werknemer uit de Oeso-landen. België heeft ook een van de meest productieve economieën in Europa en onze productiviteit ligt ook hoger dan in Duitsland, Nederland en Frankrijk. We nemen de vierde plaats in na Ierland, Luxemburg en Noorwegen.

Geen vuiltje aan de lucht, zou je denken. Maar niets is minder waar.

Het probleem is immers dat de jaarlijkse groei van de productiviteit al jaren aan het afnemen is. De voorbije tien jaar bedroeg de productiviteitsgroei amper 0,3 procent per jaar, terwijl dat in de jaren tachtig en negentig meer dan 2 procent was.

Andere landen kennen die terugval ook, maar de daling is daar niet zo scherp als bij ons.

Slechts zeven van de 36 Oeso-landen kenden tussen 2007 en 2017 een lagere groei. Mocht België het ritme van weleer hebben aangehouden, dan zou de productiviteit 25 procent hoger liggen.

Gele vlag

Volgens secretaris-generaal José Angel Gurria betalen de Belgen nu al een prijs voor de lagere productiviteitsgroei, die zich vooral in de dienstensector manifesteert. Sociale partners hebben weinig om over te onderhandelen en de uurlonen zijn het voorbije decennium nauwelijks 0,5 procent per jaar toegenomen.

"We steken geen rode vlag, maar een gele vlag omhoog", waarschuwde Gurria.

Zeven acties

De organisatie schuift zeven acties naar voren die ons land zijn positie in het koppeloton moeten helpen behouden.

  1. Zo pleit ze voor meer concurrentie. De Oeso ziet bijvoorbeeld een hoge mate van regulering en een onvoldoende sterke rol voor de mededingingsautoriteit bij de totstandkoming van wetten en regels, net als weinig starters en meer bedrijven dan elders die lange tijd actief blijven.
  2. Ons land kent daarnaast een hoge overheidssteun voor onderzoek en ontwikkeling, maar moet die volgens de Oeso gerichter investeren.
  3. Ook moet België ervoor zorgen dat eenvoudiger risicokapitaal wordt verstrekt en dat de kosten voor risico's nemen verminderen.
  4. Daarnaast wil de organisatie dat het gemakkelijker wordt voor werknemers om te verhuizen van bedrijven in moeilijkheden naar bedrijven met groeipotentieel.
  5. Ze hamert ook op het belang van levenslang leren
  6. en een versterking van overheidsinvesteringen in bepaalde sectoren.
  7. Tot slot wijst de studie erop dat het centraal loonoverlegsysteem het goed heeft gedaan op macro-economisch niveau en het behoud van de productiviteit. Toch pleit de Oeso ervoor meer vrijheid te geven voor bedrijven om lonen te bepalen, zonder de voordelen van centraal loonoverleg overboord te gooien.

De lezer vindt het door de OESO voorgestelde zeven punten actieplan op pagina’s 25 tot 46 en de analyse van het federale fiscale R&D ondersteuningsmechanisme op pagina’s 29-30 van het rapport. 

>> Ga naar het rapport "In-Depth Productivity Review of Belgium"

 

Deel deze pagina

  • Vond u wat u zocht?

Contactgegevens

Jan van Nispen

Afdeling Ondernemen en Innoveren
Beleidsmedewerker
02 553 07 27

Meer nieuws

  • Economische groei in Vlaanderen blijft volgende jaren hoger dan in Wallonië en Brussel

    Economische groei in Vlaanderen blijft volgende jaren hoger dan in Wallonië en Brussel

    15 juli 2019

    De economische groei in Vlaanderen blijft ook de volgende jaren hoger dan die in Wallonië of in Brussel. Dat blijkt uit de regionale vooruitzichten van het Planbureau. Voor de periode 2018-2020 verwacht men een groei van 1,6 procent per jaar in Vlaanderen, tegen 1,2 pct in Wallonië en 0,9 pct in Brussel. Voor de periode 2021-2024 gaat het respectievelijk om gemiddeld 1,4 pct, 1,2 pct en 0,9 pct groei per jaar.

  • Europees Instituut voor innovatie en technologie (EIT): Commissie publiceert wetgevingsvoorstellen

    15 juli 2019

    De Europese Commissie maakte vorige week de nieuwe voorstellen van wetteksten bekend voor het EIT, het Europees Instituut voor innovatie en technologie, die het in lijn brengen met Horizon Europa. De Commissie stelt een toename van de middelen van het EIT voor tot 3 miljard euro (een stijging van 600 miljoen euro – of 25% – ten opzichte van de huidige strategische innovatieagenda 2014-2020). Daarmee zal het EIT de activiteiten van bestaande en nieuwe kennis- en innovatiegemeenschappen financieren en de innovatiecapaciteit van 750 instellingen voor hoger onderwijs ondersteunen.

  • Nieuwe campus voor VLIZ en ILVO op Oosteroever Oostende

    Nieuwe campus voor VLIZ en ILVO op Oosteroever Oostende

    8 juli 2019

    Onder de naam InnovOcean Campus zullen het VLIZ (Vlaams Instituut voor de Zee), haar projectpartners, en de Oostendse vestiging van het ILVO (Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek) op de Oosteroever in Oostende een nieuw gemeenschappelijk complex gaan betrekken. De bevoegde ministers Muyters en Van den Heuvel tekenden daarvoor vandaag in Brussel de overeenkomst.

  • Recordaantal meisjes kiest voor wetenschappen en techniek

    Recordaantal meisjes kiest voor wetenschappen en techniek

    8 juli 2019

    Nog nooit hebben zoveel Vlaamse meisjes in de tweede en derde graad van het secundair onderwijs voor een STEM-opleiding gekozen. Wetenschappen en techniek zijn ook in het hoger onderwijs populairder: in de academische bachelors benadert het aandeel vrouwen intussen de 40 procent.

  • Voorzitters Missieraden onder Horizon Europa bekend gemaakt

    8 juli 2019

    Tijdens een informele vergadering voor de ministers bevoegd voor Concurrentievermogen (luiken Onderzoek en Interne Markt & Industrie) lanceerder Commissaris Moedas officieel het werk rond de Missies. Hij kondigde de voorzitters van de vijf Missieraden aan, die concrete doelstellingen en een tijdsplan voor elke missie moeten voorstellen tegen eind 2019.